Algemene Voorwaarden

Van F4sec Security Group BV gevestigd aan de Engelenkampstraat 86 – 6131 JJ te Sittard, gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Maastricht en aldaar ingeschreven onder nummer 14056606 en alle aan haar gelieerde vennootschappen.

Artikel 1. Definities
Uitzendkracht: iedere natuurlijke persoon die door tussenkomst van een uitzendonderneming werkzaamheden verricht of gaat verrichten ten behoeve van een inlener;
Inlener: iedere natuurlijke of rechtspersoon die zich door tussenkomst van een uitzendonderneming voorziet van uitzendkrachten;
Inleenovereenkomst: de overeenkomst tussen een uitzendonderneming en een inlener op basis waarvan een uitzendkracht ten behoeve van die inlener door tussenkomst van die uitzendonderneming werkzaamheden zal verrichten;
Inlenerstarief: het bedrag per uur dat de inlener aan de uitzendonderneming verschuldigd is voor de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht;
Uitzendovereenkomst: de arbeidsovereenkomst waarbij de uitzendkracht door de uitzendonderneming ter beschikking wordt gesteld aan een inlener om krachtens een door deze met de uitzendonderneming gesloten inleenovereenkomst arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van die inlener;
Uitzendonderneming: iedere natuurlijke of rechtspersoon die als intermediair en werkgever van uitzendkrachten op treedt, gelet op het leveren van personeelsdiensten aan een Inlener.
Opdrachtnemer: de Uitzendonderneming
Klant: iedere natuurlijke of rechtspersoon die gebruik maakt van de diensten van de Inlener.
CAO: de CAO voor uitzendkrachten die geldt voor uitzendondernemingen die:
a. Vallen onder de categorie AVV (Algemeen Verbonden Verklaard) aan de cao van de ABU (Algemene Bond Uitzendondernemingen);
b. als lid zijn aangesloten bij de ABU.
Alarmopvolging: Het doorgeven van de door de Alarmcentrale ontvangen alarmmeldingen aan de door Opdrachtgever aangegeven personen en/of instanties, en, indien overeengekomen, het op verzoek van Opdrachtgever ter plaatse instellen van een onderzoek naar de oorzaak van een alarmmelding.
Beveiligingsdiensten: Alle vormen van dienstverlening door Opdrachtnemer die begrepen worden onder de reikwijdte van de WPBR.
Diensten en/of dienstverlening: De door Opdrachtnemer te verrichten Diensten zoals blijkt uit de tussen partijen gesloten overeenkomst.
Crowdmanagement: Het systematisch plannen van en het sturing geven aan het ordelijke verloop van gebeurtenissen waarbij grote aantallen mensen bij elkaar komen.
Evenementen- en horecabeveiliging: Beveiligingsdiensten door Personeel van Opdrachtnemer dat is gestationeerd in of bij een evenement of horecagelegenheid.
Evenement: een publiekstoegankelijke gebeurtenis, die plaatsvindt op een vooraf bekende, afgebakende locatie, waarvoor de betrokken Inlener op grond van de APV een evenementenvergunning heeft verleend, dan wel plaatsvindt in een inrichting, waarop een milieuvergunning rust, op grond van artikel 8:1 van de Wet Milieubeheer, en deze vergunning het organiseren van een evenement toelaat.
Externe Alarmcentrale: De door Opdrachtnemer benutte en aangewezen Alarmcentrale van een derde.
Mobiele surveillance: Beveiligingsdienst door surveillanten van Opdrachtnemer die niet gestationeerd zijn in of bij een object, die bestaat uit het bezoeken en het controleren van het object, al dan niet met behulp van een surveillanceauto.
Object: Het pand of perceel, inrichting, complex of installatie waarop de dienstverlening betrekking heeft een en ander in de ruimste zin des woords.
Objectbeveiliging: Beveiligingsdiensten door personeel van Opdrachtnemer, dat is gestationeerd in of bij het Object.
Riskmanagement: Advisering, consultancy en (project)management door Opdrachtnemer op het gebied van beveiliging en bewaking.
Services: Receptiediensten, alsmede daarmee vergelijkbare dienstverlening, door servicemedewerkers van Opdrachtnemer die zijn gestationeerd in of bij het Object en/of een evenement, van Inlener.
Sleutels: Sleutels, keycards, afstandsbedieningen en alle andere mogelijke middelen waardoor toegang tot een Object kan worden verkregen.
WPBR: Wet Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherche Bureaus.
Waar in deze algemene voorwaarden gesproken wordt over uitzendkrachten, wordt bedoeld: mannelijke en vrouwelijke uitzendkrachten en waar gesproken wordt over hem en/of hij, wordt bedoeld: hem/haar of hij/zij.
Artikel 2. Toepasselijkheid van deze voorwaarden
1. Deze voorwaarden zijn van toepassing op iedere aanbieding van de uitzendonderneming F4SEC Security Group BV aan, en op iedere inleenovereenkomst tussen de uitzendonderneming en een inlener waarop de uitzendonderneming deze voorwaarden van toepassing heeft verklaard, alsmede op de daaruit voortvloeiende leveringen en diensten van welke aard dan ook tussen de uitzendonderneming en een inlener, voor zover van deze voorwaarden niet door partijen nadrukkelijk schriftelijk is afgeweken.
2. De inlener met wie eenmaal op deze voorwaarden werd gecontracteerd, wordt geacht stilzwijgend met de toepasselijkheid daarvan op een later met de uitzendonderneming gesloten inleenovereenkomst in te stemmen.
3. Alle aanbiedingen, ongeacht de wijze waarop deze zijn gedaan, zijn vrijblijvend.
4. De uitzendonderneming is niet gebonden aan de algemene verkoopvoorwaarden van de inlener voor zover die afwijken van deze voorwaarden. De eigen voorwaarden van de opdrachtgever, welke hij van toepassing zou wensen te verklaren op de in lid 1 vermelde overeenkomsten en de aan het sluiten daarvan voorafgaande stadia, zijn niet van toepassing, tenzij F4SEC Security Group BV. deze voorwaarden, geheel dan wel gedeeltelijk, uitdrukkelijk en schriftelijk heeft aanvaard.
5. Als enige bepaling uit deze voorwaarden nietig is of wordt vernietigd, zullen de overige bepalingen van deze voorwaarden volledig van kracht blijven en zullen partijen in overleg treden teneinde nieuwe bepalingen ter vervanging van de nietige of vernietigde bepalingen overeen te komen, waarbij zoveel mogelijk het doel en de strekking van de nietige of vernietigde bepaling in acht zal worden genomen.
Artikel 3. Wijze van facturering
1. De facturen van de uitzendonderneming zijn mede gebaseerd op de ingevulde en door de inlener voor akkoord bevonden tijdverantwoordingsformulieren.
2. De inlener is verantwoordelijk voor de juiste, tijdige en volledige invulling en accordering van de tijdverantwoordingsformulieren. De accordering vindt plaats via ondertekening van het tijdverantwoordingsformulier, tenzij anders overeengekomen.
3. Bij verschillen tussen het -bij de uitzendonderneming (door de uitzendkracht) ingeleverde tijdverantwoordingsformulier- en het door de inlener behouden afschrift; daarvan geldt het bij de uitzendonderneming ingeleverde exemplaar als juist, tenzij de inlener het tegendeel (met een gedegen onderbouwing) kan aantonen.
5. Als de inlener niet aan het gestelde in lid 2 van dit artikel voldoet, kan de uitzendonderneming besluiten om de inlener te factureren op basis van de bij haar bekende feiten en omstandigheden. De uitzendonderneming gaat hiertoe niet over zolang er geen redelijk overleg daaromtrent met de inlener heeft plaatsgevonden.
6. De inlener draagt er zorg voor dat de facturen van de uitzend onderneming zonder enige inhouding, korting of verrekening binnen 14 dagen na factuurdatum zijn betaald.
7. Tariefwijzigingen ten gevolge van CAO‐verplichtingen en wijzigingen in of ten gevolge van wet‐ en regelgeving zoals fiscale en sociale wet‐ en regelgeving, worden met ingang van het tijdstip van die wijzigingen aan de inlener doorberekend en zijn dienovereenkomstig door de inlener verschuldigd, ook als deze wijzigingen zich voordoen tijdens de duur van een inleenovereenkomst.
Artikel 4 Betalingsvoorwaarden
1. Uitsluitend rechtstreekse betalingen aan de uitzendonderneming werken voor de inlener bevrijdend.
2. Rechtstreekse betaling, dan wel verstrekking van voorschotten door de inlener aan de uitzendkracht zijn niet toegestaan, ongeacht de reden waarom of de wijze waarop zulks geschiedt. Dergelijke betalingen en verstrekkingen regarderen de uitzendonderneming niet en leveren geen grondslag op voor enige schuldaflossing of verrekening.
3. Als de inlener een factuur betwist, zal dit binnen acht dagen na verzenddatum van de betreffende factuur schriftelijk door de inlener aan de uitzendonderneming kenbaar worden gemaakt, op straffe van verval van het recht op betwisting. Een betwisting van de factuur schort de betalingsverplichting van de inlener niet op.
4. Bij niet, niet tijdige of niet volledige betaling door de inlener van enig door hem verschuldigd bedrag, is hij met ingang van de vervaldatum van de betreffende factuur van rechtswege in verzuim. Vanaf dat moment is de inlener tevens een vertragingsrente van 1% per maand, een gedeelte van een maand voor een hele maand rekenende, over het bruto factuurbedrag aan de uitzendonderneming verschuldigd.
5. Alle kosten, zowel in als buiten rechte, de kosten van rechtskundige bijstand daaronder begrepen, die de uitzendonderneming moet maken ten gevolge van het niet nakomen van de betalingsverplichtingen door de inlener, zijn voor rekening van de inlener. De buitengerechtelijke incassokosten van de uitzendonderneming, te berekenen over het te incasseren bedrag, worden met een minimum van € 500,00 vastgesteld op ten minste 15% van de hoofdsom.
Artikel 5. Ontbinding
1. Als een partij in gebreke blijft aan zijn verplichtingen uit de inleenovereenkomst te voldoen, is de andere partij ‐naast hetgeen in de inleenovereenkomst is bepaald‐ gerechtigd de inleenovereenkomst door middel van een aangetekend schrijven buitengerechtelijk te ontbinden. De ontbinding zal pas plaatsvinden nadat de in gebreke gestelde partij schriftelijk op de hoogte is gesteld van de ingebrekestelling en hem een redelijke termijn is geboden om de ernstige tekortkoming te zuiveren.
2. Voorts is de ene partij gerechtigd, zonder dat enige aanmaning of ingebrekestelling zal zijn vereist, buiten rechte de inleenovereenkomst door middel van een aangetekend schrijven met onmiddellijke ingang geheel of gedeeltelijk te ontbinden als:
a. de andere partij (voorlopige) surséance van betaling aanvraagt of hem (voorlopige) surséance van betaling wordt verleend;
b. de andere partij zijn eigen faillissement aanvraagt of in staat van faillissement wordt verklaard;
c. de onderneming van de andere partij wordt geliquideerd;
d. de andere partij zijn huidige onderneming staakt;
e. buiten toedoen van de ene partij op een aanmerkelijk deel van het vermogen van de andere partij beslag wordt gelegd, dan wel indien de andere partij anderszins niet langer in staat moet worden geacht de verplichtingen uit de inleenovereenkomst na te kunnen komen.
3. Als de inlener op het moment van de ontbinding reeds prestaties ter uitvoering van de inleenovereenkomst had ontvangen, kan hij de inleenovereenkomst slechts gedeeltelijk ontbinden en wel uitsluitend voor dat gedeelte, dat door of namens de uitzendonderneming nog niet is uitgevoerd.
4. Bedragen die de uitzendonderneming vóór de ontbinding aan de inlener heeft gefactureerd in verband met hetgeen zij reeds ter uitvoering van de inleenovereenkomst heeft gepresteerd, blijven onverminderd door inlener aan haar verschuldigd en worden op het moment van de ontbinding direct opeisbaar.
5. Als de inlener, na ter zake in gebreke te zijn gesteld, enige verplichting voortvloeiende uit de inleenovereenkomst niet, niet volledig of niet tijdig nakomt, is de uitzendonderneming gerechtigd haar verplichtingen jegens de inlener op te schorten, zonder daardoor tot enige schadevergoeding jegens de inlener gehouden te zijn. Hiertoe is de uitzendonderneming eveneens gerechtigd in de onder lid 2 van dit artikel bedoelde omstandigheden.
Artikel 6. Aansprakelijkheid
1. Behoudens bepalingen van dwingend recht, alsmede met inachtneming van de algemene normen van redelijkheid en billijkheid, is de uitzendonderneming niet gehouden tot enige vergoeding van schade van welke aard dan ook, direct of indirect, ontstaan aan de uitzendkracht of aan zaken dan wel personen bij of van de inlener of een derde, welke schade is ontstaan als een gevolg van:
a. de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht door de uitzendonderneming aan de inlener, ook wanneer mocht blijken dat die uitzendkracht niet blijkt te voldoen aan de door de inlener aan hem gestelde vereisten;
b. eenzijdige opzegging van de uitzendovereenkomst door de uitzendkracht;
c. toedoen of nalaten van de uitzendkracht, de inlener zelf of een derde, waaronder begrepen het aangaan van verbintenissen door de uitzendkracht.
2. Eventuele aansprakelijkheid van de uitzendonderneming voor enige directe schade is in ieder geval, per gebeurtenis, beperkt tot 50% van het betreffende gefactureerde dan wel te factureren bedrag in de maand waarin de gebeurtenis zich voordeed. Voor indirecte schade (niet‐materiële schade), waaronder gevolgschade, is de uitzendonderneming nimmer aansprakelijk.
3. De inlener is verplicht om zorg te dragen voor een afdoende, totaal dekkende aansprakelijkheidsverzekering voor alle directe en indirecte schade als bedoeld in lid 1 van dit artikel.
4. In ieder geval dient de inlener de uitzendonderneming te vrijwaren tegen eventuele vorderingen van de uitzendkracht of derden, tot vergoeding van schade als bedoeld in lid 1 van dit artikel geleden door die uitzendkracht of derden.
5. De in leden 1 en 2 van dit artikel opgenomen beperkingen van aansprakelijkheid komen te vervallen, als er sprake is van opzet of grove schuld aan de zijde van de uitzendonderneming en/of diens leidinggevend personeel.
6. De uitzendonderneming heeft te allen tijde het recht, indien en voor zover mogelijk, eventuele schade van de inlener ongedaan te maken. Hiertoe wordt tevens gerekend het recht van de uitzendonderneming maatregelen te treffen die eventuele schade kan voorkomen dan wel beperken. De aansprakelijkheid van de uitzendonderneming is in alle gevallen beperkt tot een maximum bedrag van € 1.000,‐ per gebeurtenis.
Artikel 7. Overmacht
1. In geval van overmacht van de uitzendonderneming zullen haar verplichtingen uit hoofde van de inleenovereenkomst worden opgeschort, zolang de overmacht toestand voortduurt. Onder overmacht wordt verstaan elke van de wil van de uitzendonderneming onafhankelijke omstandigheid, die de nakoming van de inleenovereenkomst blijvend of tijdelijk verhindert en welke noch krachtens wet, noch naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid voor haar risico behoort te komen.
2. Zodra zich bij de uitzendonderneming een overmacht toestand voordoet als in lid 1 van dit artikel bedoeld, zal zij daarvan mededeling doen aan de inlener.
3. Voor zover daaronder niet reeds begrepen, wordt onder overmacht tevens verstaan: werkstaking, bedrijfsbezetting, blokkades, embargo, overheidsmaatregelen, oorlog, revolutie en/of enig daaraan gelijk te stellen toestand, stroomstoringen, storingen in elektronische communicatielijnen, brand, ontploffing en andere calamiteiten, waterschade, overstroming, aardbeving en andere natuurrampen, alsmede omvangrijke ziekte van epidemiologische aard van personeel.
4. Zolang de overmacht toestand voortduurt zullen de verplichtingen van de uitzendonderneming zijn opgeschort. Deze opschorting zal echter niet gelden voor verplichtingen waarop de overmacht geen betrekking heeft en reeds voor het intreden van de overmacht toestand zijn ontstaan.
5. Als de overmacht toestand drie maanden heeft geduurd, of zodra vaststaat dat de overmacht toestand langer dan drie maanden zal duren, is ieder der partijen gerechtigd de inleenovereenkomst tussentijds te beëindigen zonder inachtneming van enige opzegtermijn. De inlener is ook na zodanige beëindiging van de inleenovereenkomst gehouden de door hem aan de uitzendonderneming verschuldigde vergoedingen, welke betrekking hebben op de periode vóór de overmacht toestand, aan de uitzendonderneming te betalen.
6. De uitzendonderneming is tijdens de overmacht toestand niet gehouden tot vergoeding van enigerlei schade van of bij de inlener, noch is zij daartoe gehouden na beëindiging van de inleenovereenkomst als in lid 5 van dit artikel bedoeld.
Artikel 8. Klachten en Geschillen
1. Wanneer er klachten zijn dan kunt u deze te allen tijde melden bij het management van F4sec Security Group BV. Wij adviseren u om dit altijd schriftelijk te doen via: info@f4sec.com. Verder verwijzen wij naar het klachtenmanagement, vermeld op onze website: www.f4sec.com.
Op alle geschillen onder of verband houdende met de inleenovereenkomst is het Nederlands recht van toepassing. De Rechtbank te Rotterdam is bevoegd om over alle geschillen onder of verband houdende met de inleenovereenkomst te oordelen.
Artikel 9. Het inlenen van uitzendkrachten
1. De uitzendovereenkomst wordt aangegaan tussen de uitzendkracht en de uitzendonderneming.
Tussen de inlener en de uitzendkracht bestaat er geen arbeidsovereenkomst.
2. Bij het ter beschikkingstellen van de uitzendkracht door de uitzendonderneming aan de inlener, werkt de uitzendkracht feitelijk onder leiding en toezicht van de inlener. De inlener neemt daarbij dezelfde zorgvuldigheid in acht als tegenover zijn eigen werknemers. De uitzendonderneming heeft als formele werkgever geen zicht op de werkplek en de te verrichten werkzaamheden.
3. De werkzaamheden worden uitgevoerd zoals overeengekomen in de inleenovereenkomst. Als de inlener hiervan af wenst te wijken gedurende de inleenovereenkomst, geschiedt dit uitsluitend in overleg met de uitzendonderneming.
Artikel 10. (Uur)beloning en overige vergoedingen van de uitzendkracht
1. Het loon en de vergoedingen van de uitzendkracht worden vooraf aan de terbeschikkingstelling en zo nodig gedurende de terbeschikkingstelling bepaald en zijn gelijk aan het loon en vergoedingen die worden toegekend aan vergelijkbare werknemers, werkzaam in gelijkwaardige functies, in dienst van de inlener (zie hiervoor de regelgeving omtrent de inlenersbeloning, cao voor uitzendkrachten).
2. Als het loon en de vergoedingen van de uitzendkracht niet kunnen worden vastgesteld volgens de inlenersbeloning, dan kunnen deze worden vastgesteld in overleg tussen uitzendonderneming, uitzendkracht en inlener. Leidraad hierbij zijn het opleidingsniveau en de ervaring van de uitzendkracht en daarnaast de verantwoordelijkheden en benodigde capaciteiten die invulling van de functie met zich meebrengen. In overige gevallen wordt verwezen naar de beloningssystematiek van de cao voor uitzendkrachten (ABU).
3. Als de inlener, nadat de uitzendkracht is verschenen op de werkplek, minder dan drie uren gebruik maakt van diens arbeidsaanbod, is de inlener verplicht tot betaling van het inlenerstarief over ten minste drie uren per oproep als:
de overeengekomen omvang van de arbeid minder dan 15 uur per week bedraagt en de werktijden niet zijn vastgelegd; of de inlener de omvang van de arbeid niet of niet eenduidig heeft vastgelegd.
4. Als er gedurende de terbeschikkingstelling een bedrijfssluiting of verplichte vrije dag plaatsvindt, informeert de inlener de uitzendonderneming hieromtrent bij het aangaan van de inleenoverkomst, zodat de uitzendonderneming hiermee rekening kan houden bij het vaststellen van de arbeidsvoorwaarden. Als de inlener dit nalaat is hij gedurende de bedrijfssluiting of verplichte vrije dag, aan de uitzendonderneming verschuldigd het aantal uur zoals overeengekomen in de inleenovereenkomst, vermenigvuldigd met het laatst geldende inlenerstarief.
Artikel 11. Inhoud van de inleenovereenkomst en opzegtermijnen
1. In de inleenovereenkomst wordt de duur van de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht vermeld en wanneer deze op voorhand nog niet duidelijk is, een zo nauwkeurig mogelijke schatting daarvan. Voor zover mogelijk en wenselijk worden daarin verder de begin‐ en einddatum van de terbeschikkingstelling, het aantal te werken uren en de opzegtermijn vastgelegd.
2. Als het uitzendbeding van toepassing is op de uitzendovereenkomst hoeven de uitzendonderneming of de inlener geen opzegtermijn in acht te nemen als zij de terbeschikkingstelling tussentijds wensen te beëindigen, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.
3. Als het uitzendbeding niet van toepassing is op de uitzendovereenkomst is er sprake van een uitzendovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd. In dit geval eindigt de inleenovereenkomst slechts door het verstrijken van de overeengekomen duur van de terbeschikkingstelling, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.
4. Als de inlener de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht die op basis van een uitzendovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd werkzaam is tussentijds wenst te beëindigen, zal de inlener aan de uitzendonderneming een terstond opeisbare vergoeding verschuldigd zijn. Deze vergoeding bedraagt 100% van het laats geldende inlenerstarief voor de betrokken uitzendkracht, vermenigvuldigd met het aantal van de in de inleenovereenkomst overeengekomen uren, gelegen in de periode vanaf het moment van tussentijdse beëindiging tot het moment van afloop van de inleenovereenkomst zoals in eerste instantie overeengekomen.
5. Als de inlener de terbeschikkingstelling wenst te beëindigen terwijl er niets is overeengekomen omtrent de duur van de terbeschikkingstelling en de uitzendkracht op basis van de uitzendovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd werkzaam is, geldt een opzegtermijn van 20 werkdagen, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.
Artikel 12. Aangaan rechtstreekse arbeidsverhouding door inlener met de uitzendkracht
1. Als de inlener met een hem door de uitzendonderneming ter beschikking gestelde of te stellen uitzendkracht rechtstreeks een arbeidsovereenkomst, dan wel een andersoortige arbeidsverhouding wil aangaan, stelt hij de uitzendonderneming daarvan onverwijld schriftelijk in kennis. Partijen treden vervolgens in overleg om de wens van de inlener te bespreken.
2. Onder andersoortige arbeidsverhouding als bedoeld in dit artikel wordt onder meer verstaan:
-het aanstellen als ambtenaar;
-de overeenkomst van opdracht;
-de aanneming van werk;
het ter beschikking laten stellen van de uitzendkracht aan de inlener door een derde (bijvoorbeeld een andere uitzendonderneming) voor hetzelfde of ander werk.
3. De inlener gaat niet rechtstreeks een arbeidsovereenkomst met de uitzendkracht aan, als de uitzendkracht de uitzendovereenkomst met de uitzendonderneming niet rechtsgeldig heeft beëindigd, onverminderd de overige verplichtingen van de inlener als bedoeld in lid 4 van dit artikel.
4. Overname van uitzendkrachten van opdrachtnemer door de inlener is bespreekbaar na het bereiken van een periode van 1040 gewerkte uren bij Inlener dan wel diens klanten.
Artikel 13. Selectie van uitzendkrachten
1. De uitzendkracht wordt door de uitzendonderneming gekozen enerzijds aan de hand van de bij de uitzendonderneming bekende hoedanigheden en kundigheden van de voor uitzending beschikbare uitzendkrachten en anderzijds aan de hand van de door de inlener aan de uitzendonderneming verstrekte inlichtingen betreffende de op te dragen werkzaamheden.
2. Niet‐functie relevante eisen bij het verstrekken van inlichtingen betreffende de op te dragen werkzaamheden, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel, kunnen niet door de inlener worden gesteld. In ieder geval zullen deze door de uitzendonderneming niet worden gehonoreerd.
3. De inlener heeft het recht om, als een uitzendkracht niet voldoet aan de door de inlener gestelde eisen, dit binnen 4 uur na de aanvang van de werkzaamheden aan de uitzendonderneming kenbaar te maken. In dat geval is de inlener gehouden de uitzendonderneming minimaal te betalen aan de uitzendkracht verschuldigde beloning en vergoedingen, vermeerderd met het werkgeversaandeel in de sociale lasten en premieheffing en uit de CAO voortvloeiende verplichtingen.
Artikel 14. Zorgverplichting inlener en vrijwaring jegens de uitzendonderneming
1. De inlener is ervan op de hoogte dat hij volgens de Arbeidsomstandighedenwet en artikel 7: 658 BW de verplichting heeft om te zorgen voor een veilige werkplek van de uitzendkracht. De inlener verstrekt de uitzendkracht concrete aanwijzingen om te voorkomen dat de uitzendkracht in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt. Tevens verstrekt de inlener de uitzendkracht persoonlijke beschermingsmiddelen voor zover noodzakelijk.
2. Tijdig voordat de terbeschikkingstelling een aanvang neemt, verstrekt de inlener aan de uitzendkracht en uitzendonderneming de noodzakelijke informatie over de verlangde beroepskwalificatie van de uitzendkracht, alsmede de Risico‐Inventarisatie & Evaluatie (RI&E), bevattende de specifieke kenmerken van de in te nemen arbeidsplaats.
3. De inlener is tegenover de uitzendkracht en uitzendonderneming aansprakelijk voor en dientengevolge gehouden tot vergoeding van de schade die de uitzendkracht in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de uitzendkracht, alles met inachtneming van het bepaalde in artikel 6.
4. Als de uitzendkracht in de uitoefening van zijn werkzaamheden zodanig letsel heeft bekomen dat daarvan de dood het gevolg is, is de inlener overeenkomstig artikel 6:108 BW jegens de in dat artikel bedoelde personen en jegens de uitzendonderneming gehouden tot vergoeding van de schade aan de bedoelde personen, tenzij de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de uitzendkracht, alles met inachtneming van het bepaalde in artikel 6.
5. De inlener zal de uitzendonderneming te allen tijde vrijwaren tegen aanspraken, jegens de uitzendonderneming ingesteld wegens het niet nakomen door de inlener van de in lid 1 van dit artikel genoemde verplichtingen en verleent de uitzendonderneming de bevoegdheid haar aanspraken terzake aan de direct belanghebbende(n) te cederen, dan wel mede namens de uitzendonderneming tegen de inlener geldend te maken.
6. De inlener is verplicht om zorg te dragen voor een afdoende, totaal dekkende aansprakelijkheidsverzekering voor alle directe en indirecte schade als bedoeld in dit artikel.
Artikel 15. Identificatie en persoonsgegevens
1. De inlener stelt bij aanvang van de terbeschikkingstelling van een uitzendkracht diens identiteit vast aan de hand van een origineel identiteitsdocument en neemt een afschrift van dit document op in zijn administratie.
2. De inlener behandelt de hem in het kader van de terbeschikkingstelling ter kennis gekomen persoonlijke gegevens van uitzendkrachten vertrouwelijk en verwerkt deze in overeenstemming met de bepalingen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) d.d. 25 mei 2018.
3. De uitzendonderneming is niet aansprakelijk voor boetes of claims die de inlener worden opgelegd omdat hij zijn verplichtingen als in de voorgaande leden bedoeld, niet is nagekomen.
Artikel 16. Privacy beleid
Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
Met ingang van 25 mei 2018 gelden er binnen Europa nieuwe regels gelet op de privacywetgeving. Deze regels worden nader uitgelegd in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).
F4sec Security Group BV houdt zich met name bezig met het uitzenden en detacheren van Service medewerkers, Beveiligers en Beveiligers in opleiding. De interne verwerking van persoonsgegevens wordt enkel door vakbekwame kantoormedewerkers gedaan, zodat een juiste verwerking en de bescherming van persoonsgegevens wordt gewaarborgd middels vastomlijnde administratieve procedures. Alle personeelsdossiers zijn gelijk van opmaak en worden binnen het kantoor zorgvuldig onderhouden en veilig bewaard.
Verwerkersovereenkomst
Binnen de driehoeksverhouding uitzendkracht – uitzendonderneming- inlener wordt in het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) de inlener gezien (zodra persoonsgegevens ter beschikking worden gesteld door de uitzendorganisatie) als ‘verwerker’ van persoonsgegevens. Middels ondertekening van de onderhavige inleenovereenkomst gaat de inlener akkoord met de inhoud van deze algemene verkoopvoorwaarden en bevestigt de inlener dat er sprake is van een verwerkersovereenkomst* in het kader van de AVG. De persoonsgegevens van uitzendkrachten worden enkel met een gezamenlijk door de uitzendorganisatie en inlener weloverwogen gekozen functioneel en legitiem doel verwerkt.
Legitieme doeleinden zijn onder andere:
-Het verwerken van persoonsgegevens (bijvoorbeeld een curriculum vitae), gelet op sollicitatiedoeleinden;
-Het verwerken van persoonsgegevens, gelet op urenregistratie en facturatie;
-Het verwerken van persoonsgegevens inzake de aanvraag van een legitimatiebewijs (WPBR).

*Uitzendkrachten gaan akkoord met de verwerking van hun persoonsgegevens middels ondertekening van de Algemene Werkinstructie van F4sec Security Group BV.

Aldus opgemaakt en vastgesteld

mr. F.M.E. Nicoll  Directie F4SEC Security Group BV

Juni 2018